Korte geschiedenis Hollandse waterlinie

Geschiedenis waterlinies

Aan het begin van de 19e eeuw, tijdens de Franse overheersing werd de grondslag gelegd voor een nieuw verdedigingsstelsel van het latere Koninkrijk der Nederlanden. Onze hoofddefensie zou worden gevoerd door de Nieuwe Hollandse Waterlinie.

Evenals de Oude Waterlinie steunde de Nieuwe op uitgebreide- maar nu georganiseerde en beter beheersbare- inundaties, waarbij een reeks nieuwe forten en inlaatsluizen een belangrijke rol speelde. Deze militaire en waterstaatkundige onderdelen van de Nieuwe Hollandse Waterlinie werden gebouwd en regelmatig verbeterd in de periode 1816 tot 1881.
Het Fort bij Asperen en de bijzondere sluizen in de Linge maakten deel uit van dit verdedigingsstelsel, dat zich uitstrekte van Naarden en Muiden aan de Zuiderzee tot aan de Biesbosch voorbij Werkendam.

Torenforten

Fort Asperen behoort tot het type van de torenforten. Deze torens werden voornamelijk gebouwd in de Nieuwe Hollandse Waterlinie gedurende de periode van 1840 tot 1860.

Sommige torens werden binnen de wallen van bestaande forten gebouwd, andere verrezen als onderdeel van geheel nieuw aangelegde forten. Dit laatste is min of meer het geval bij Asperen. De torenforten liggen meestal langs dijken die een doorgang (een acces) vormen in de Waterlinie. De torens zijn van zwaar metselwerk en hebben een doorsnede van 33 meter.

Fort Asperen

Het fort werd direct omgeven door een gracht en was slechts bereikbaar via een houten ophaalbrug. De zware toren is gefundeerd met ongeveer 1260 palen en opgetrokken uit kleine waalstenen en heeft buitenmuren van anderhalve meter dik.

Het gebouw bestaat uit drie verdiepingen. Naast de begane grond met geweerschietgaten is er een kelderverdieping, een eerste etage met kanon- en geweerschietgaten en bovenop een aarden bovenbatterij. De indeling van de verdiepingen is als het ware een cirkelvorm met drie “schillen”. De kern van het fort bestaat uit een cilindervormige licht- en luchtkoker, die door alle drie verdiepingen loopt, met een middellijn van vijf meter. Daar omheen ligt het ringvormig vertrek, dit is een rondlopende gang. De buitenste cirkelschil bestaat op alle etages uit twaalf sectorvormige vertrekken die uitkomen op de rondlopende gang.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *